Throwback Thursday: Alpe d’Huez

Alpe d'huez
Uitzicht vanaf de Alpe D’Huez

In een Iron Man zitten 180 km die op de fiets moeten worden afgelegd. Dit is ook meteen het stuk waar ik het meeste tegenop zie, en vreemd genoeg wel het onderdeel waar ik verreweg al de meeste ervaring in heb. Maar goed, hierover later meer. Ik heb voordat ik op reis ging de nodige kilometers afgelegd op mijn wielrenfiets, maar er is altijd één probleem waar ik tegenaan loop: de voedingsgel vind ik té ranzig voor woorden. En dat is vervelend, want deze gels zijn redelijk onmisbaar in een fikse fietsrit. Deze aversie tegen voeding gel is ontstaan tijdens mijn beklimming van de Alpe d’Huez en de Mont Ventoux. Dit is inmiddels weer even geleden, maar ik zag dat ik deze blog reeds had geschreven en nooit heb gepubliceerd. Daarom neem ik jullie vandaag even mee terug naar deze twee beklimmingen. Een echte Throwback Thursday (op zaterdag) dus :)

What was I thinking. Ik had thuis tegen iedereen lopen verkondigen dat ik de Alpe d’Huez op zou fietsen, het liefst zonder af te stappen, en dat dat vast en zeker ging lukken. Vol goede moed vertrokken we dan ook richting Frankrijk, waar het grote monsterlijke gevaarte (zoals ik het toen zag) op me stond te wachten. Met nog geen 1000 fietskilometers op de teller, waarvan akelig weinig bergen en veel te veel flat-as-a-pancake landschappen, was de voorbereiding ook niet bepaald als astronomisch te bestempelen. En daar zit je dan in de auto naar Frankrijk, zenuwachtig en excited tegelijk, net als een kleuter op zijn eerste schooldag.

Telkens kijk ik in de buitenspiegel om te kijken of de wielen van onze fietsen nog langs de auto uit piepen. Gelukkig, ze staan er nog op. Ik had voordat we vertrokken veel te veel drama verhalen gehoord van (domme) mensen die hun fietsen (niet goed bevestigen en) verliezen op de autosnelweg. Gelukkig blijft ons dat drama bespaard en kunnen we met een gerust hart intrek nemen in onze safaritent in Le Bourg d’Oisans, enkele kilometers van de start.

Safaritent
Safaritent @ Bourg D’Oisans

Zodra we onze spullen hebben gedropt, stappen we in de auto en gaan we op onderzoek uit. Met de auto berijden we de Alpe d’Huez, exact zoals ik hem de volgende dag zal gaan fietsen. Terwijl we de bocht om rijden en het stijgingspercentage al gauw klimt naar een fijne 10 á 11%, besef ik ineens waar ik aan begonnen ben: Dat wordt dus 14 km berg op rijden en dat gaat pijn doen. We halen enkele fietsers in die eruit zien alsof ze aan het einde van hun latijn zijn. Zouden ze te heftig zijn begonnen, zouden ze te weinig hebben getraind of zou het gewoon ontzéttend zwaar zijn? Ik hoop het eerste of het tweede, ik gok het laatste.

De volgende ochtend…

De zenuwen zorgen ervoor dat ik ‘s ochtends amper een hap door mijn keel krijg. Ik denk terug aan die keren dat we een etappe van de Amstel Gold Race fietsten en dat ik de Keutenberg en de Eijserbosweg beiden niet op kwam. Sterker nog: midden op de Keutenberg ben ik omgekieperd omdat ik gewoon stilstond door de verzuring in mijn bovenbenen. Niet erg tof om dat te bedenken voordat je de Alpe d’Huez gaat beklimmen. Anywayz. Vriendlief zwaait me uit en ik begin aan de 7 kilometer tot aan de start. Ja, nu gaat het echt gebeuren.

Bij de start

Daar sta ik dan. Ik stop een mp3 speler in mijn shirtje (die ik de hele rit niet heb aangezet, completely useless dus), twee gevulde bidons (één met isostar en één met water) zitten stevig in de bidonhouders en ik heb wat repen en gels bij me als extra power. Ready to go!

Smile for the camera!
Smile for the camera!

De eerste drie bochten zijn het zwaarst, dat wist ik al van te voren. Maar dat ik al na zo’n 100meter denk “WHAT THE FUCK HOE STEIL IS DIT! DIT LIJKT WEL VERTICAAL!”, had ik niet verwacht. Ik loop te hijgen als een marathon renner op zijn laatste kilometer, en ik ben pas een paar minuten bezig. Dit wordt wat. Ik heb de tips opgevolgd en ik pak zoveel mogelijk de redelijk vlakke buitenbocht zodat ik mijn benen even rust kan gunnen. In bocht 17 staat vriendlief te me op te wachten. (ter info: we tellen af vanaf bocht 21)

Bocht 17
Ja, het lijkt alsof ik bijna omval, maar het steilste stuk zit er zo’n beetje op. Hatsekidee!

Eindelijk krijg ik een beetje een ritme te pakken. Ik word zo nu en dan ingehaald, maar dat kan me echt niet boeien. Het grappigste moment is wanneer er eentje met volle snelheid langs je heen zoeft terwijl je op een rustig tempo naar boven klimt, en een kilometer later fiets je de desbetreffende patser op je dooie gemak weer voorbij omdat meneer al kotsend in de berm staat. Ha!

Bij bocht 11 staat vriendlief me weer op te wachten. Hij geeft me een reep, maar die is zo droog dat ik hem écht niet weg krijg. Ik besluit hem half op te eten en de rest verdwijnt met een sierlijk boogje in de prullenbak. Elke keer wanneer je na een bocht voor je kijkt, zie je hoe steil de weg naar boven slingert. Niet echt de meest motiverende aanblik, maar goed, nobody said it was going to be easy

Berg op!
Berg op!

In bocht 8 staat de boyfriend weer op me te wachten. Hij geeft me een voedingsgel en daar gaat het mis. Even ter info: een gel is dus een zakje met een dopje (lijkt op een Breaker, maar dan kleiner), gevuld met een gel-achtige substantie met suiker, suiker, cafeïne, suiker en een of ander ranzig chemisch smaakmiddeltje waarvan je niet wilt weten hoeveel E-nummers erin zitten. Ik vind ze echt ONTZETTEND vies, en daarbij krijg je zo’n gel echt niet fatsoenlijk weggeslikt terwijl je hijgt als een malle (zelfs niet met een flinke slok water erachter aan). Resultaat: ik adem gel in. Al hoestend en proestend zit ik op de fiets en ik moet helaas enkele seconden afstappen om niet te stikken in mijn hoestbui. Klote gel, daar gaat mijn ‘Alpe-d’Huez-zonder-afstappen’ plan. Achja, shit happens. Ik stap weer op en kom al snel weer in mijn eigen tempo. Yes! Gaan met die banaan!

Bocht4
Bocht 4: Steeds dichter bij die finish!
Bocht2
Bocht 2: De afstanden tussen de bochten wordt telkens groter, but I’m almost there!
Dorp
Almost there… dorp is al in zicht

De laatste kilometers gaan super! In het dorpje zijn verschillende terrasjes te vinden en er wordt hier en daar geklapt en gejuicht. Altijd leuk. Ik fiets verder en er zitten soms zelfs kleine stukjes tussen die berg af gaan. Vanaf nu is het gewoon rustig doortrappen naar de finish. Het laatste stukje gaat nog even berg op, maar dan komt het bordje Finish in beeld. I MADE IT!

Yay! Made it!
Even poseren :)
Even poseren :)

Hoe was het? Zwaar, absoluut. Maar ook zeker de moeite waard. Ik ben binnen enkele minuutjes weer hersteld (heeft die training toch nog íets uitgemaakt) en er worden uiteraard wat foto’s genomen bij het finish bord en op het podiumpje. Het begint erg fris te worden en ik stap weer op mijn fiets om aan de afdaling te beginnen. Ik kom nog enkele sportievelingen tegen die op hun weg naar boven zijn. Ze hebben het zwaar en ik steek mijn duim op als bemoedigend gebaar. Tijdens de afdaling besef ik pas echt dat ik zojuist de enige echte Alpe d’Huez heb beklommen. Ik kan het niet laten om even een selfie te maken met mijn telefoon. YES! I DID IT!

Selfie tijdens afdaling. Uiteraard wel netjes even afgestapt ;)
Selfie tijdens afdaling. Uiteraard wel netjes even afgestapt ;)

Tijdens die vakantie beklimmen we nog enkele andere bergen in de omgeving, en een weekje later beklimmen we ook de Mont Ventoux (vanuit Bédoin). Het grappige is: die klim is veel langer dan de Alpe d’Huez, maar bij mij gaat deze juist een stuk beter en gemakkelijker. Ik maak me totaal geen zorgen over tijd en ik geniet van elke seconde die ik op de fiets zit. Alweer zit ik kokhalzend op de fiets door zo’n ranzige gel, dus ik besluit vanaf dat moment dat die troep niet aan mij is besteed. In een mooie 2 uur en 15 minuten bereik ik uiteindelijk de finish, zo’n 10 minuten later dan de boyfriend.

Of ik ooit weer op een sportieve fietsvakantie ga? Absoluut! De Stelvio staat namelijk hoog op de wishlist dus die moet beslist bedwongen worden op mijn racefiets!

Add a Comment